Conform de wetgeving bescherming van persoonsgegevens bieden wij jou ons Privacy & Cookie beleid aan. Dit beleid geldt voor alle services die wij als bedrijf verlenen.

OK

1 augustus, De Veenhoop: te weinig wind…

Gepubliceerd op:

De Veenhoop.

Ik begin nog even met een terugblik van Grou. Wij hadden daar onze opsteker krom en de beide waterstangen eveneens, waarbij één van de waterstangen ook nog was afgebroken. Dit materiaal is zaterdagmiddag meteen naar een bedrijf gegaan en gerepareerd weer terug gekomen. Voor de wedstrijd van maandag moest het natuurlijk allemaal weer gemonteerd zijn, zodat wij weer gewoon mee konden doen. Toch bleek zondag, toen wij alles gemonteerd hadden, dat de opsteker nog steeds niet recht voor het skûtsje uitstak. Hij was nog steeds wat naar rechts gericht. Daar hebben we een noodoplossing voor bedacht, door een extra ketting met spanner aan te brengen. Johannes heeft dit natuurlijk gemeld bij de SKS, omdat dit niet helemaal volgens de regels was.
Het protest van ons tegen Bolsward is door de jury gehonoreerd, alleen had Bolsward het protest meteen doorgegeven aan Huizum, omdat zij vonden dat zij op hun beurt weer werden gehinderd door Huizum en dat dat uiteindelijk ook van invloed was op deze aanvaring. De jury was het daar ook mee eens en dus kreeg niet Bolsward de strafpunten, maar Huizum.

Op de Veenhoop starten vanaf de 10e plaats is altijd maar hopen dat je goed weg kunt komen. Het grappige is dat bij het 10 minutensein je helemaal niet reageert. Normaal heb je opwinding aan boord en een ieder roept nog een opbeurend woord, maar als je voor de wal ligt dan kun je niet anders dan gewoon 10 minuten wachten. Pas op 1 tot 2 minuten voor het startschot zie je de spanning toenemen. Een ieder gaat klaarstaan op de plek die moet helpen bij een goede start. Het opdraaien van de zeilen, dat Lieuwe en ik normaal doen, wordt nu overgelaten aan Jan Tjitte en Simon, want die kunnen dat veel sneller dan wij. En dan, op het startschot gaat het los. De lier wordt gebruikt voor het grootzeil, maar omdat de fok ook omhoog moet en daar dezelfde lier voor moet worden gebruikt, doen we dat met de hand. Rikes en ik trekken de fok met de hand omhoog. Pas als het grootzeil staat, worden er pallen omgezet en kan het val van de fok op de lier worden gedraaid. Tot die tijd zorgt Rikes dat het val om een bolder geklemd blijft, zodat de fok zijn werk kan blijven doen.
Pas als alles omhoog is en ook de fok netjes is opgedraaid, krijg ik gelegenheid om eens om me heen te kijken. We lagen al ruim naast Huizum en iedereen die voor de start achter ons was, was daar nog. Goed weg was mijn 1e inschatting. Maar dan…
Het nadeel van onze start was natuurlijk wel dat we in de luwte kwam van het skûtsje van Huizum. Johannes ving dat zo goed mogelijk op door veel lager te sturen, zodat we de wind konden vangen die voor dat skûtsje langs waaide. We bleven mooi opgaan met Huizum, alleen zag ik vanachter Huizum het skûtsje van Joure komen en die had flink wind. Even later werd mijn angst bewaarheid en ging Joure over ons heen.

Maar er stond een vreemde wind en ver voor ons zagen wij dat de wind enorm ging krimpen. Hij zou dus veel slechter worden en Johannes speelde daar meteen op in door nu zo hoog mogelijk te gaan zeilen. Het skûtsje van Joure hield koers en ik zag dat wij achter Joure langs moesten zeilen, zo ver lagen zij al voor ons. Maar wij kwamen steeds hoger en naderden zelfs de wal. Op dat moment draaide de wind extreem, zoals wij al eerder hadden gezien. Daar pakten wij winst. Wij konden koers zetten naar de hoogste ton, maar andere skûtsjes voor ons kwamen op de lage wal uit en moesten daar door de wind.
Het werd nog steeds gekker, want ik zag dat het 1e skûtsje, dat van Drachten al om de ton heen was. Zij zeilen bakboord. Maar het skûtsje daarachter, dat van d’Halve Maen, zeilde daarachter en die zeilde stuurboord. Het tekende de wind. En tot de ton bleef het vreemd. Zo hadden zowel Bolsward, als wij, terwijl wij bakboord zeilden plotseling geen wind meer. Wij dreven rechtuit en even later kwam de wind van links en kwam wij op stuurboord te zeilen. En we bleven gewoon in dezelfde richting zeilen. Erg grappig natuurlijk, maar het tekende wel de moeilijkheden van de schippers. Bij de ton aangekomen leek het dat wij die als 6e zouden ronden. Prachtig als je 10e vertrekt. Maar daar hadden wij de windschifting mee, of Bolsward en Heerenveen namen de ton zo ruim, dan wij binnendoor konden steken en beiden in één keer verschalkten. Zij konden niet bij ons komen. Daarna weer richting het Grietmansrak. Het Lemster Skûtsje liep als een trein zonder vertraging. Wij zeilden steeds verder weg van Bolsward en Heerenveen en naderden de skûtsjes van de SWH en Grou, die voor ons zeilden. Daarvoor waren nog Drachten en d’Halve Maen.

Toen wij de ton begonnen te ronden, om de 2e ronde in te gaan klonk er een schot. Hé, wat is dat? Er volgden nog 2 schoten en de afgelastingvlag werd getoond. De wedstrijd was over. Oh, wat jammer was dat. Ook onbegrijpelijk, want we hadden toch al een hele route gezeild, dus een finish was daar ook mogelijk geweest. Natuurlijk was het toen windstil, maar voordat wij ons zeil naar beneden hadden, stond er weer wind. We hadden hier zeker een goede uitslag gehaald, maar zo is het zeilersleven.
Morgen nieuwe kansen, wij moeten als 5e starten en laten we maar hopen en er ook vertrouwen dat wij weer net zo goed vertrekken als vandaag. Dan moet het goed komen.

Functieomschrijving van deze dag: Adviseur
Een functie die wij niet eerder aan boord hadden, althans zo lang ik mee zeil. Toch is het niet nieuw, want in vroegere jaren was Ulrik Jager al adviseur bij Jelle Reijenga. De adviseur is een soort van tacticus, een reglementskenner, een windruiker, ja wat niet waardoor het skûtsje eerder bij de finish is. Hij kan, doordat hij geen andere taak heeft, om zich heen kijken, zien hoe bijvoorbeeld de vlaggen op de wal waaien en zo een inschatting maken of het gunstig of ongunstig is om een bepaalde hoek van een meer in te zeilen.
Maar als je wordt aangeroepen door een andere schipper dat hij ruimte wil, dan moet hij direct aan kunnen geven of die schipper gelijk heeft, of dat die schipper direct de wind van voren krijgt (figuurlijk) en dat hij weg moet wezen.
Ook bij de start zal hij een positie gaan bepalen, waar je het gunstigst kunt starten. Soms is door de start erg hoog wel gunstig, maar als je wat lager gaat en dan niet wordt gehinderd door 10 andere skûtsjes, die allemaal hoog willen starten, dan moet hij die keus maken.
Maar, het woord zegt het al, hij adviseert. De schipper bepaalt wat hij doet met de adviezen.

(alle foto’s: Jaap Cuperus)